Blauw, blauwer, blauwst: meren in Jiuzhaigou & Huanglong

Deze week is dit gebied getroffen door een heftige aardbeving met de nodige slachtoffers en schade van dien. Wij waren hier ruim twee weken geleden en hebben dus enorm veel geluk gehad dat wij dit natuurschoon hebben mogen bewonderen en ongedeerd zijn gebleven.

Wij vliegen met anderhalf uur vertraging vanuit Xi’an naar Jiuzhaigou (China is helaas berucht om de vertragingen in de luchtvaart, wij gaan voor de volledige China ervaring dus daar hoort dit ook bij). Het grootste deel van het gebied ligt boven de 3.000 meter hoogte dus dat wordt weer omschakelen (en in eerste instantie ook slecht slapen).
Het dorpje Jiuzhaigou is in Tibetaanse stijl opgebouwd (dit deel van China behoort ook tot Tibet, maar valt nog buiten de provincie van Tibet), zo ook ons hotel (Fan Yun Hotel). Helaas is dit dorp overstroomd door het Chinese massatoerisme dus van de oude charme is weinig meer over. Van de schreeuwerige neonborden des te meer. Ach, we kwamen hier ook niet voor het dorp, maar voor de prachtige natuur. Zoals verwacht slapen we wat onrustig, maar rusten toch redelijk uit.

Jiuzhaigou National Park

De wekker gaat om 6.00 uur, want we moeten om 7.00 uur paraat staan voor de door ons hotel geregelde taxi naar het National Park. Minder dan een kwartier later staan we bij de ingang en maken ons op voor een dagje traditioneel Chinees-massatoerisme. Het is bij de ingang al gezellig druk en het aantal voordringers is niet meer op een hand te tellen. Zodra de deuren van het ticket loket open gaan stormen de mensen werkelijk naar binnen (zeer gemiddelde Chinese praktijken, dat wel). Een tweetal beveiligers doet een verwoede poging het zooitje een beetje in goede banen te leiden. Na ongeveer een kwartiertje na de officiële opening hebben ook wij ons kaartje binnen en mogen naar binnen (waar de rij erger lijkt dan ‘ie is door alle wachters die nog wachten op familieleden/vrienden die in de ticketrij staan). Eenmaal binnen heb je eigenlijk drie opties: 1) Je gaat lopend naar boven (naar de uithoeken van het park – het park heeft een soort Y-vorm – liggen ca. 30 kilometer vanaf de ingang, en dat voor een belangrijk deel berg op), 2) je neemt de bus naar het oostelijke uiteinde het park (inbegrepen in de entreeprijs), of 3) je neemt de bus naar het westelijke uiteinde van het park. Wij kozen voor het laatste, omdat op de westelijke tak op papier de meeste hoogtepunten te zien zijn. Vanaf de westelijke punt wandelen wij zoveel als mogelijk richting het centrum van de Y. Helaas waren sommige wandelpaden (tijdelijk of definitief) gesloten, dus we ontkomen er niet aan om gedeelten met de bus af te leggen. Op een hoogte van 3.000 tot 3.400 meter is het niet erg om op de eerste dag af en toe wat rust te nemen.

In de ochtend zijn alle meren spiegelglad

 

Het park is goed onderhouden met mooi aangelegde wandelpaden en meer dan voldoende (schone) sanitaire voorzieningen. Jiuzhaigou National Park is onwaarschijnlijk mooi met vele (diverse tinten) knalblauwe meren tussen de prachtige bossen en bergen. Het ene uitzicht nog mooier dan het andere. De allermooiste punten in het park zijn ook meteen de drukst bezochte en dat zullen we weten: dringen voor een foto tussen de honderden Chinezen om ons heen.

Maar zelfs deze lichte domper op het rustieke gevoel mag de pret niet drukken want dit park is waanzinnig mooi (hadden we al gezegd dat het prachtig is…?)! Zodra je jezelf iets verder van de ‘highlights’ waant (waar overigens nog steeds meer dan genoeg te zien is) wordt het aanzienlijk rustiger tot een punt dat je slechts een handvol andere bezoekers onderweg tegenkomt. Genieten!


Vanuit het centrum van de Y nemen we een bus naar het oostelijke uiteinde van het park. We hebben ondertussen al flink wat kilometers in de benen en zijn er dan ook niet heel erg rouwig om dat het grootste deel van de wandelpaden op deze tak zijn afgesloten. Het enige nadeel is dat we schuifelend achter de Chinese massa aanhobbelen.

Een kleine impressie van de drukte bij de hoogtepunten van het park

 

De bus brengt ons wederom terug naar het centrum van de Y van waaruit wij als afsluiter van het park in noordelijke richting lopen (tevens richting de uitgang). De uitzichten zijn nog steeds prachtig en het aantal mensen die wij onderweg tegenkomen is op twee handen te tellen. Halverwege de weg richting de uitgang is het fysiek gezien mooi geweest, de schemering treedt in en het lijf is na 20 kilometer wandelen op meer dan 3.000 meter hoogte best vermoeid. Wij nemen voor het laatste stuk de bus terug naar de uitgang.

‘Just chilling’

De afgelopen twaalf dagen in China zijn wij continu in de weer en lopen dagelijks tien tot twintig kilometer. Kortom, we kunnen wel een rustdag gebruiken. We spenderen de ochtend op een terrasje van het Tibetan Barley restaurant met een goed boek, een cappuccino en aansluitend lunch voordat we om 15.00 uur onszelf toegang verschaffen tot het tegenover gelegen zwembad van het Howard Johnson hotel. We kunnen tegen een kleine vergoeding gebruik maken van alle faciliteiten van de ‘Spa area’, bestaande uit een ijskoud buitenzwembad (helaas alleen echt geschikt voor pootje baden) en een warm binnenbad. Ook flesjes water, koekjes, fruit en een douche na afloop zijn inbegrepen. Fijn om even alle indrukken te verwerken en een beetje op te laden voor we onze reis voortzetten richting het nabij gelegen Songpan.

Bergdorp Songpan

Het busstation ligt zodanig uit de richting van ons hotel dat het regelen van een directe taxi naar Songpan bijna voordeliger is (in ieder geval veel economischer voor wat betreft de tijdsbesteding). Het hotel (Dengba hotel) is niet eenvoudig te vinden, maar eenmaal aangekomen worden we warm onthaald. De kamer is eenvoudig en niet de schoonste die we in China zijn tegengekomen (maar onze standaard is inmiddels heel hoog na alle fijne hotelletjes), maar dit wordt gecompenseerd door de enorme vriendelijkheid van de dame die het hotel runt. We besteden de middag aan het verkennen van het sfeervolle Songpan. De gezellige straatjes van dit dorp zijn voornamelijk gevuld met ‘locals’ die hun dagelijkse inkopen doen, voor een groot deel in traditionele klederdracht. Songpan is een smeltkroes van Chinese minderheden. Dit is duidelijk te zien aan de verschillende kledingstijlen en soorten etenstentjes (van Tibetaans tot Islamitisch). Het voelt een beetje aan als het ‘Wilde Westen’ van China.

Overal zie je mannen met cowboyhoeden in dit ‘wilde westen’

 

Traditionele klederdracht en Louis Vuitton gaan hand in hand

 

Op aanraden van het hotel wagen wij ook nog een ‘wandelingetje’ in de namiddag. Dat dit uiteindelijk een behoorlijk stevige wandeling is van 3 uur over hele smalle, rotsige paadjes hadden wij zeker niet verwacht, anders hadden we wel iets anders aangetrokken dan sandelen/gympen. Ons hart gaat boven de 3.400 meter flink tekeer bij de steile klimmetjes, maar we worden uiteindelijk wel beloond met een mooi uitzicht over Songpan aan de ene kant van de bergkam en een aantal 5.000 meter hoge bergen aan de andere kant.

Bar geniet onder zijn Chinese hoed van het uitzicht op de stad Songpan

 

Eef heeft ondertussen de met Tibetaanse vlaggetjes behangen piek bereikt

 

Het uitzicht op de andere kant van de vallei
We worden nauwlettend in de gaten gehouden door nieuwsgierige yaks

 

Na de onderschatting voor wat betreft de wandeling zijn we blij als we om 19.00 uur weer net voor het donker terug zijn bij het hotel. Moe maar voldaan dineren we (goedkoop én lekker) bij de buurvrouw (letterlijk in de keuken) en gaan op tijd naar bed voor onze tocht morgen naar Huanglong.

Huanglong

De initiële reden om naar Songpan te reizen was een bezoek aan de Huanglong kalksteenterrassen.

Dit park is erg geschikt om in circa vijf uur in zijn geheel te bewandelen (hallo hoge hartslag bij trap op, op 3.600 meter). Wij namen de kortste route (‘forest route’) omhoog en de ‘scenic route’ naar beneden, zo loop je in feite een rondje en ontwijk je de mede-toeristen op de weg naar boven. De uitzichten zijn heel bijzonder en het is hier aanzienlijk rustiger dan in Jiuzhaigou. De Chinezen vinden het hier – ondanks de aanwezigheid van een kabelbaan – schijnbaar te hoog (en daarmee te intensief) en blijven daarom liever weg. Degenen die zich er wel aan wagen maken gretig gebruik van de ‘oxygen-bars’ die onderweg ruimschoots aanwezig zijn.


We hebben om 13.00 uur met onze taxichauffeur voor de deur afgesproken, maar zijn door de toenemende drukte op de afdaling 10 minuten te laat, oftewel: geen taxi. Na circa 20 minuten zoeken komt onze taxi dan toch aanrijden en is niet blij, hij stopt – blijkbaar op een plek waar dat niet mag – en wordt door de politie bekeurd terwijl wij instappen. Op eenderde van de route stopt onze chauffeur langs de kant van de weg (mooie plek midden op een bergweg) en probeert ons duidelijk te maken dat hij niet blij is dat wij te laat waren en wil dat wij zijn boete betalen. De man spreekt geen woord Engels en zijn vertaalapp laat hem ook in de steek. Uiteraard zijn wij niet van plan te betalen voor de boete dus doen alsof we niet begrijpen wat hij bedoelt en hopen dat het afloopt met een sisser. Na een kwartier geeft hij het op en zet de rit – tot onze niet geringe opluchting – voort richting Songpan. Aan het einde probeert de beste man als wanhoopspoging ons ook extra te laten betalen voor een extra passagier die met ons is meegelift (Nienke, een Nederlandse die voor vijf weken in Chengdu studeert), maar helaas voor hem zijn we al uitgestapt en hij geeft het gelukkig gauw op.

Stadsfestival in Songpan

Na de inspanningen van de ochtend en alle consternatie met de taxi trakteren we onszelf op een soort Chinees saucijzenbroodje (iets meer pit en helemaal vers gemaakt) en geven we ons over aan de vermoeidheid.

Onze ‘saucijzenbroodjes’ vers uit de pan

 

Na een ‘power nap’ en een frisse douche zijn we klaar voor een avond uit in de stad, er is namelijk een lokaal festival gaande. De straten zijn gevuld met kraampjes en de hele stad is verlicht (op z’n Chinees met lekker felle kleuren). Om 20.30 uur staat er een (gratis) voorstelling op het stadsplein op de planning waarin de geschiedenis van de stad wordt gepresenteerd, waarbij de nadruk ligt op hoe de minderheden hun tradities in ere houden. Het is een enorm spektakel met licht, geluid, dans en aansluitend een vuurwerkshow. Na afloop van de voorstelling lopen de dansgroepen nog in optocht door de stad.

Smullen op de ‘night market’

 

Het publiek is klaar voor de show

 

Het pittoreske dorpje is omgetoverd tot een fluoriserend lichtspektakel

 

Kleurrijk is het zeker

 

Een supermooie afsluiting van ons eerste verblijf in de bergen van China. Morgen gaat de reis verder richting Chengdu.

B&E

5 gedachten over “Blauw, blauwer, blauwst: meren in Jiuzhaigou & Huanglong”

  1. Wat een kleurenspectakel dat blauw van die meren snoepen hoor, jullie moeten wel over een beste conditie beschikken om het er heelhuids van af te brengen.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s